
de Volkskrant
29 maart 2014 zaterdag
Section: Halfberliner; Blz. 5
 RONALD VELDHUIZEN
Wat werd deze maand beweerd? Hardlopen werkt zo goed tegen een depressie dat medicijnen in de prullenmand kunnen.Wat zegt de wetenschap? Als je van hardlopen houdt. 
Het ligt eigenlijk best voor de hand. Wie in beweging komt, voelt zich lekkerder. En dat is precies wat mensen met een depressie nodig hebben. Dus hardloopschoenen aan en rennen maar. Of runnen, want zo heet het tegenwoordig. Runningtherapie is effectief genoeg om geen pillen meer te hoeven slikken, stelt psychiater Bram Bakker in de Volkskrant van 17 maart, samen met medehardlopers Martijn van Winkelhof en Maaike de Vries. Ze vinden zelfs dat runningtherapie de eerste keus in behandeling moet zijn van lichte tot matige depressies. Het is makkelijk, goedkoop en iedereen kan het. 

Lezen we hier een keiharde wetenschappelijke conclusie of de goedbedoelde mening van een enthousiast stel sporters? Bakker en co verwijzen naar de officiële richtlijn van onder andere het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). Daarin wordt runningtherapie inderdaad genoemd als mogelijke behandeling tegen depressies, maar hier is het advies al wat voorzichtiger verpakt. 

De huisarts zou rekening moeten houden met de wensen van de patiënt. Heeft die geen zin om hardloopschoenen aan te schaffen, dan is het misschien niet zo'n goed idee om de therapie af te dwingen. 

Volgen we het onderzoek dat de NHG aanhaalt voor runningtherapie, dan komen we uit bij een overzichtsartikel dat in 2009 in het Tijdschrift voor Psychiatrie verscheen. Een heel erg warme aanbeveling voor hardlooptherapie blijkt dat niet te zijn. Stammes en Spijker - de auteurs van het stuk - vonden 51 studies naar sporten en depressie en concluderen dat ze allemaal een positief verband laten zien. Het werkt. Maar tegelijk schrijven ze dat 'de kwaliteit van veel studies te wensen over laat'. En wanneer ze alleen de allerbeste onderzoeken erbij pakken, blijkt sporten niks beter te helpen dan een nepbehandeling van suikerpilletjes. 

En heeft runningtherapie meer voordelen dan antidepressiva? Bakker, Van Winkelhof en De Vries vinden van wel, maar de realiteit is weerbarstiger. Uit een recente rondgang door wetenschappers van de Cochrane Collaboration blijkt dat onderzoek waarin runningtherapie met antidepressiva wordt vergeleken, wel bestaat, maar vaak te klein is opgezet om tot een zinnige conclusie te komen. 

Al met al concluderen de Cochrane-wetenschappers dat de therapie in enkele individuele gevallen kan werken. 

Maar toch. Runningtherapie heeft in tegenstelling tot medicatie geen bijwerkingen, stellen de hardlopers. Alleen is dat - opnieuw - niet helemaal waar. Blessures liggen namelijk op de loer. Uit cijfers van het Letsel Informatie Systeem blijkt dat elk jaar bijna een kwart van de hardlopers een blessure oploopt. Eenvijfde daarvan zit er een jaar later nog steeds mee. Zo kan de therapie depressieve patiënten onbedoeld binnenshuis opsluiten. 

Wat ook niet glansrijk voor hardlooptherapie pleit: veel patiënten haken af. 'Laagdrempelig', zoals Bakker en zijn collega-hardlopers het omschrijven, is het dus niet. In sommige studies blijft slechts de helft met hun begeleider meehollen. Buiten zo'n onderzoek ligt het uitvalpercentage waarschijnlijk hoger, simpelweg omdat het type persoon dat aan een studie deelneemt meestal positiever staat tegenover iets nieuws, dan de gemiddelde depressieveling. 

En verder: of iemand zo'n runningtherapie volhoudt, hangt waarschijnlijk deels af van aanleg, als we afgaan op onderzoek van psycholoog Marleen de Moor van de Vrije Universiteit in Amsterdam. Zij volgde tien jaar bijna zesduizend eeneiige tweelingen, vroeg regelmatig hoe ze zich voelden en aan hoeveel sport ze deden. 

De tweelingparen bleken vaak dezelfde neigingen en emoties te beleven. Sommige tweelingparen zijn gek op sport en kunnen niet zonder, anderen vinden het vreselijk. Er zaten wel paartjes bij, van wie de een begon te sporten en de ander bleef zitten, maar De Moor zag dat dit weinig uitmaakt voor depressieve gevoelens. 

Kortom: een depressie blijft verdomd lastig om te behandelen. 

 
Uit het Nationaal Kompas Volksgezondheid bleek in 2011 dat bijna 650 duizend mensen aan stemmingsstoornissen lijden.
lllustratie Leonie Bos
